Showing posts with label books. Show all posts
Showing posts with label books. Show all posts

Sunday, 31 December 2017

Beste boeken van 2017

Zoals ieder jaar sluit ik af met een lijst van de boeken die het afgelopen jaar de meeste indruk hebben gemaakt. Ik heb in 2017 ontzettend veel gelezen en ben mijn jaarlijkse doel van 50 boeken ruimschoots voorbijgestreefd met een totaal van 77.
Terugkijkend zie ik veel historische romans in mijn lijst staan, "fiction" en "faction", boeken waar je niet alleen leesplezier aan beleeft maar waarvan je ook weer wat wijzer wordt.

 Mijn favorieten van dit jaar op een rijtje:

10. De Stille Kracht - Louis Couperus

Ik probeer elk jaar minstens één klassieker te lezen en dit jaar was dat De Stille Kracht. Ik heb dit boek misschien vroeger wel eens (verplicht) gelezen en ik kan me vaag wat scènes uit de televisieserie herinneren, maar het stond me allemaal niet meer helder bij dus heb ik me er op een schitterende zomerdag aan gewaagd en ik vond het een ontzettend mooi verhaal, zo mooi mysterieus, en heel typerend voor die tijd, schrijnend ook. In deze lijst overigens meer over Nederlands Indië.

9. Familie is het moeilijkste gerecht - Francisdo Azevedo
Dit boek speelt zich af in Brazilië en over Zuid-Amerika lees ik graag, omdat het een wereld is die zowel bekend als exotisch is. In dit verhaal trouwt een stel en raapt de zus van de bruid één voor één alle rijstkorrels van de straat die over het versgetrouwde stel heen geworpen zijn. De kersverse echtgenoot protesteert, hij vindt het vies, maar volgens de zus bevat deze rijst alle liefde en goede wensen die door de aanwezigen zijn gedacht en uitgesproken. In de loop van het hier en daar ontroerende, dan weer komische verhaal krijgt de rijst een geheel eigen rol, die, zoals we van Zuid-Amerikaanse schrijvers gewend zijn, geregeld aan magie raakt. Een feelgoedroman, en zeker een aanrader.

8. Het Huis met de Schaduw - Aminatta Forna

Dit is een van de boeken die me wijzer maakten. Het speelt zich af in Kroatië, waar een Brits stel een leegstaand huis koopt en een plaatselijke klusjesman wordt ingehuurd om het op te knappen. Wat de Amerikanen niet weten is dat de klusjesman het huis maar al te goed kent en met degene van wie ze het gekocht hebben een duister geheim deelt over de Joegoslavische oorlog. Met het opknappen van het huis komt wat door de oude eigenaar verdoezeld was weer in het zicht, en blijken de lijnen tussen de verschillende partijen in het dorp nog haarscherp. Zonder het te beseffen haalt de Britse vrouw pijnlijke wonden open over het verleden.
Heel indrukwekkend wat in dit boek gezegd wordt zonder dat het uitgesproken wordt. Het echte verhaal speelt zich tussen de regels af.

7. De Officier - Robert Harris

Van de Dreyfus-affaire in Frankrijk heeft iedereen wel gehoord, maar het fijne wist ik er nooit van en daarom is het mooi dat er mensen als Robert Harris bestaan, die in zo'n onderwerp duiken en er een roman over schrijven. Natuurlijk is het verhaal geromantiseerd maar het blijft schrijnend hoe de Joods-Franse officier Dreyfus er in 1894 zonder bewijs en onterecht werd beschuldigd een spion voor de Duitsers te zijn, en gevangen werd gezet op Duivelseiland, terwijl de man die nota bene tegen hem getuigde, Esterhazy, de werkelijke spion bleek te zijn. Er werd vervolgens het nodige in de doofpot gestopt maar het was Émile Zola die met zijn "J'Accuse" de boel aan het rollen bracht waardoor Dreyfus uiteindelijk amnestie kreeg en gerehabiliteerd werd in het leger.
Harris schrijft mannelijk en feitelijk, maar tegelijkertijd boeiend en verhalend, en omdat het zo interessant was heb ik dit boek in één adem uitgelezen.

6. The Greatcoat - Helen Dunmore

Van Helen Dunmore kende ik alleen Birdcage Walk, een boek dat ik in Engeland overal in de winkels zag liggen maar, stom-stom-stom, niet heb gekocht, dus ging ik in Nederland bij de bibliotheek op zoek, en daar hadden ze het niet, maar er lag wel een ander boek van haar, The Greatcoat, waar op de voorkant een man in een militair uniform nogal desperaat door een raam naar binnen staat te gluren, en ik dacht, eens kijken of het wat is, meteen kijken wat ik van haar schrijfstijl vind.
Nou, die schrijfstijl, die vond ik aangenaam, intiem, warm, direct, alsof je meelift op iemands gedachten.
Het speelt kort na de Tweede Wereldoorlog en gaat over een pasgetrouwd stel, hij arts en voortdurend onderweg, zij, Isabel, huisvrouw (hoewel ze andere dromen had, maar zo ging dat in die tijd) en inwonend bij een huisbazin die vooral Isabel niet erg mag. Het lijkt een standaard setting, maar het verhaal neemt al snel een andere wending; Isabel verveelt zich, voelt zich gecontroleerd door de huisbazin, fantaseert over hoe haar leven zou moeten zijn en ligt vaak overdag in bed. En 's nachts heeft ze het koud, want er zijn bijna geen kolen, zo vlak na de oorlog. Als ze door haar appartement struinend op een greatcoat stuit (lange legerjas), gebruikt ze die om 's nachts warm te blijven maar vanaf het moment dat ze die jas heeft aangeraakt beginnen er mysterieuze dingen te gebeuren, te beginnen met de RAF-piloot die ineens voor het raam verschijnt en haar wanhopig lijkt te roepen. Ze gaat erop in, ze worden minnaars, ze gaat met hem mee naar de nabijgelegen vliegbasis... Of de dingen die ze met hem beleeft echt zijn of aan haar fantasie ontspruiten wordt nergens in het boek duidelijk, maar op een zeker moment wordt wel duidelijk wat de rol van de huisbazin is in het verhaal en waarom die vrouw door de rest van het dorp met de nek wordt aangekeken, en wat de rol van de piloot hierin is. Een verhaal dat op het randje een spookverhaal is, balancerend op de grens tussen realiteit en fantasie.

5. Het Monster van Essex - Sarah Perry
Dit boek zou je alleen al voor de prachtige omslag kiezen. Ik wist meteen: dit boek komt in mijn lijst, zelfs toen ik nog niet eens wist waar het over ging. De kaft geeft namelijk veel weg, al besefte ik dat nog niet. We zien iets dat qua stijl naar het begin van de 19e eeuw verwijst, we zien een serpent, we zien bloemen, natuur - dit alles komt in het boek terug. 
Het gaat over Cora Seaborne die zojuist weduwe is geworden en dat vindt ze stiekem helemaal niet erg want haar man was aardiger voor de hond dan voor haar. Ze heeft een autistische zoon van een jaar of elf en een vriendin/nanny, Martha, en dan is er nog een bevriende arts, Luke Garett en zijn compaan Spencer, die steenrijk is, verliefd op Martha en min of meer uit verveling ook maar geneeskunde is gaan doen. 
Ja, dat zijn de eerste kleurrijke personages en er komen er nog veel meer.
Want Cora verlaat Londen en gaat een tijdje naar Colchester, waar ze ten eerste lekker door de natuur kan struinen - ze laat haar zoontje Francis graag onder de hoede van Martha achter - zonder dat ze hoeft te letten op dingen als decorum (ze vindt het vreselijk om de treurende weduwe te spelen, en draagt ook geen corsetten meer, en makkelijke schoenen), terwijl ze ondertussen haar liefste hobby, zoeken naar fossielen, kan uitoefenen. Via een gezamenlijke vriend komt ze in contact met dominee William Ransome en zijn fantastische gezin, en na een tijdje besluit ze helemaal niet meer terug te gaan naar Londen maar een huis te huren in de buurt van het domineesgezin. 
Ondertussen golven in de moerassen van Essex, die het dorp omringen tot aan de zee, de geruchten over een monster dat mensen het water in sleurt - elk verdrinkingsgeval, elk nachtelijk geluid, elke verdwijning wordt op het conto van het serpent geschreven.
De mensen in het dorpje lijken langzamerhand hun verstand te verliezen, terwijl Cora en dominee William steeds meer naar elkaar toe trekken, zonder dat ze dit willen. 
Op de achtergrond spelen andere zaken uit de Victoriaanse tijd; vrouwenrechten, huisvesting van de onderste laag van de samenleving, de opkomst van de chirurgie.
Overigens heb ik dit boek in het Engels gelezen, omdat de Nederlandse vertaling me nogal tegenstond. De pogingen de originele stijl in het Nederlands om te zetten verzandden geregeld in nogal omslachtig taalgebruik.  
 Op het moment dat ik dit schrijf heb ik het boek nog niet helemaal uit, maar ik kan nu al zeggen dat dit boek absoluut een plek in mijn top vijf verdient, en ik raad het dan ook iedereen aan. Het is grappig, vrolijk, intens, lief en interessant, en het tijdsgewricht waarin het zich afspeelt geeft het verhaal de sjeu die je al bij het zien van de kaft verwachtte. 

4. Pogingen iets van het leven te maken - Hendrik Groen

Ik denk dat inmiddels bijna iedereen de fictieve bejaarde Hendrik Groen wel kent. Een sympathieke, wat ondeugende en best nog wel aardig ter been zijnde oude man die het wel en wee in zijn bejaardentehuis beschrijft; de andere bewoners en bewoonsters met hun grillen, degenen met wie hij bevriend is, het personeel dat ofwel zijn stinkende best doet ofwel betuttelt alsof hij een kleuter is, de grapjes die hij uithaalt, de directrice die aarzelt hem serieus te nemen en uiteindelijk de uitjes die Hendrik en zijn vrienden organiseren met de (nu al legendarische) "Omanido"-club, wat een afkorting is van "oud maar niet dood". Hoewel beslist de schrijnende zaken in de bejaardenzorg aan bod komen, is de toon van het boek opgewekt. Er is inmiddels een vervolg: Zolang er leven is, en dat is vrijwel net zo prettig om te lezen.

3. De Tolk van Java - Alfred Birney

Dit boek heeft de Libris Literatuurprijs én de Henriette Roland Holstprijs gewonnen en nadat ik het gelezen had vond ik dat meer dan terecht. Wat een indrukwekkend boek. Het is een rauw en heftig verslag van wat er nou eigenlijk gebeurd is in Nederlands-Indië gedurende de Tweede Wereldoorlog. Eigenlijk zijn het twee verhalen in één; delen van de zoon worden afgewisseld met delen door de vader. Het was op sommige momenten bijna niet te bevatten dat ik non-fictie zat te lezen. De vader was een zeer gewelddadig persoon, in Indonesië tijdens de politionele acties (hij vocht aan de kant van Nederland) en later als door die oorlog getraumatiseerde man in het tegenvallende Nederland, met een gezin dat sidderde onder zijn woede.
Een monument van een boek.

2.  Trigger Warning (Short Fictions and Disturbances)  - Neil Gaiman

Van mijn favoriete schrijver Neil Gaiman verscheen een jaar of anderhalf geleden een nieuwe verhalenbundel en begin 2017 heb ik deze gelezen. In het Engels, want hij was op dat moment nog niet vertaald (weet niet of dat inmiddels wel zo is). Het is, zoals we van Neil gewend zijn, weer een fantastisch boek (in de breedste zin van het woord "fantastisch"). Bij Gaiman zijn er bijna geen grenzen tussen de echte, zichtbare wereld en wat zich daarachter bevindt, feit en fictie lopen door elkaar heen. Een combinatie van fantasy, horror en sprookjes, verhalen die zich soms afspelen in het universum van door hem bewonderde auteurs, en die je altijd een beetje ademloos en geschrokken achterlaten. Geen boek om 's avonds alleen in het donker te lezen, of misschien juist wel, want dan komen de verhalen het best tot hun recht.

1. Duitse les - Siegfried Lenz

Het boek Duitse Les begint met een ik-persoon die in de klas een verhaal moet schrijven over het onderwerp "De vreugde van de plicht" - en vervolgens krijgt hij geen letter op papier, niet omdat hij geen inspiratie heeft, integendeel, hij heeft juist te véél te vertellen over dit onderwerp en wanneer hij straf krijgt omdat hij niets heeft ingeleverd moet hij het opstel in afzondering alsnog schrijven, een karwei waaraan hij zich zonder tegenzin zet en waarmee hij zich wekenlang opsluit in een klein kamertje, potlood na potlood verslijtend.
Al lezende besef je dat de jongen om de een of andere reden in dat heropvoedingsgesticht zit, en langzamerhand begint je te dagen dat het onderwerp van zijn opstel daar waarschijnlijk mee te maken heeft.
Wat ben ik blij dat ik dit boek gelezen heb. Zowel qua vorm als qua inhoud meesterlijk geschreven. Het lijkt aanvankelijk een verhaal in een verhaal, een raamvertelling, tot je je realiseert waar de hoofdpersoon mee bezig is, wat hij ons, de lezer, probeert uit te leggen.
Ik heb genoten van het zorgvuldige taalgebruik. De omschrijvingen van het landschap en meedogenloze wijze waarop hij de hoekige, bonkige bewoners van de streek (Noord-Duitsland) beschrijft zijn bijna schilderijen op zich.
Bijzonder interessant vond ik het een indruk te krijgen van hoe de oorlog in Duitsland zelf beleefd werd door gewone mensen in een streek waar qua oorlogshandelingen nauwelijks iets gebeurde.
De onderliggende boodschap echter kwam luid en duidelijk binnen.



~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~


Eervolle vermeldingen ten slotte voor:
Moeder van Ikabod van Maarten 't Hart, een serie korte verhalen over redelijk bizarre situaties waarin alleen iemand als Maarten 't Hart terecht kan komen.

Mannen zonder vrouw van Haruki Murakami, eveneens een serie korte verhalen, de titel geeft de inhoud feilloos weer want het zijn stuk voor stuk wat treurige, melancholieke verhalen, met hier en daar een kwinkslag of een aardigheidje waar je als lezer een blij gevoel van krijgt.

De Kanarie in de Kolenmijn van Ewald Engelen en Marianne Thieme. In dit boek wordt haarfijn uitgelegd dat alle problemen in onze wereld betreffende klimaat, economie, landbouw, armoede en voedselschaarste gevolg zijn van beleid en niet van een tekortschietende planeet.

De Saksen-serie van Bernard Cornwell. Ik heb de eerste twee (Het Laatste Koninkrijk en De Witte Ruiter) al eerder in mijn lijst gezet (in 2015 geloof ik) maar omdat alleen die twee in het Nederlands zijn vertaald, had ik de rest niet gelezen. Dit jaar wel, want vakantie in Engeland en aldaar deel 3 tot en met 5 aangeschaft (er zijn er nog meer maar dat komt nog wel) en weer met veel plezier verder gelezen over de avonturen van Uthred van Bebbanburg en zijn koning Alfred de Grote.

Wie geen zin heeft om de boeken te lezen maar wél van deze serie wil genieten kan terecht op Netflix, de serie heet "The Last Kingdom" en is inmiddels twee seizoenen onderweg, wat neerkomt op grofweg de eerste vier boeken, en de makers zijn er uitstekend in geslaagd de komische, ondeugende sfeer uit de boeken neer te zetten. 

Sunday, 5 March 2017

Maart!

First and foremost my apologies to my foreign readers: I've decided to write in Dutch again. The majority of my regular readers has Dutch as their first language. If you're reading my blog on a computer (not on a smart phone) there's a translate button on the right. 



Woensdag was het zover: maart! Wat heerlijk altijd om eindelijk die donkere wintermaanden vaarwel te kunnen zeggen. De dagen zijn intussen ook beduidend langer, pas na zessen hoeven de lampen aan en 's morgens vroeg is het gewoon licht als je de luiken opendoet. 

En toen werd het weekend en ging de zon schijnen, zaterdag werd het maar liefst 15 graden! Nou dat was natuurlijk uitstekend weer om eindelijk eens in de tuin aan de slag te gaan. 

Eindelijk, de zon schijnt! Maar wat een rommel van oude grijze vergane planten...
En wat is er ontzettend veel te doen! Mijn tuin zag er na drie maanden winter niet uit. Een chaos van dode planten en bladeren, met uit hun krachten gegroeide rozen en vlinderstruiken die door het gewicht van de sneeuw door hun hoeven waren gegaan. 

Ik ben niet zo iemand die voor de winter alles kaal maakt en opruimt. Ik doe vanaf eind oktober, begin november helemaal niets meer in mijn tuin, laat oude plantendelen altijd de hele winter zitten omdat daar diertjes in overwinteren. 
Anderhalve dag later, veel oud spul al weggehaald. De vlinderstruiken rechts heb ik vanmiddag gekortwiekt. De forsythia (links) doe ik natuurlijk pas na de bloei.
Maar nu het maart is geworden, de dagen langer worden, het zonlicht warmer, de krokussen en sneeuwklokjes in bloei komen, de vogels het hoogste lied zingen en de eerste bijen en hommels al rondvliegen, komt er een soort opruimwoede over mij heen: al dat oude spul moet weg! Ruimte maken voor het nieuwe tuinjaar!
Overal in het gras staan krokussen

In allerlei kleurtjes

's Morgens nog dicht

Maar open zodra de zon erop schijnt

Zo veel kleur meteen al in de tuin!

De lichtpaarse vind ik het mooist, vandaar nog een foto van een ander stelletje

Natuurlijk sneeuwklokjes overal, de echte lentebodes

Blauwe druifjes beginnen ook al op te komen
Bij sommige is het bloemetje al zichtbaar!

Dwergsering begint al blad te krijgen

Flox komt al boven de grond

Gebroken hartje ook

En de akeleien

Van mijn moeder kreeg ik nog een witte flox, daar zaten een paar sneeuwklokjes bij als verstekeling.
Spireablad begint al uit te komen

Bolprimula's hebben al bloemknoppen.

Galanthus Flore peno heeft mooie dubbele bloemetjes

Mooi hè
Geloof het of niet: zelfs de pioen komt al op!

Longkruid bloeit ook al

Poedie zit mooi te wezen op het bankje bij het gazon vol krokussen

In deze manden zitten bollen, daaroverheen had ik viooltjes geplant, anders was het zo saai en kaal, maar die kunnen er intussen bijna uit want de bollen komen al flink op.

Madeliefje in het gras
Zo komt het dat ik in drie dagen tijd alle rozen heb gesnoeid (en niet zo zuinig ook), de vlinderstruiken heb gekortwiekt (misschien wat aan de vroege kant, maar ik verwacht geen vorst meer), en inmiddels ruim de helft van het oude spul (floxen, agastache, anemonen, hortensiabloemschermen enz.) heb weggehaald.

Ik zit op ongeveer een zak per dag...
Oud blad in de borders laat ik nog wel even liggen, daaronder krioelt nog heel wat gedierte, en 's nachts is het toch nog wel erg koud soms.

Daar kunnen lekker beestjes tussen schuilen. De narcissen groeien er wel doorheen!
Het is bijna niet te beschrijven wat een heerlijk gevoel het geeft om eindelijk weer in de tuin te kunnen werken na drie maanden verplicht binnen zitten. Natuurlijk had ik mezelf wel wat karweitjes toebedeeld om de wintermaanden door te komen, wat naai- en opruimwerk, maar daaraan beleef ik niet half zoveel plezier als aan tuinieren. 

Wat altijd wel leuk is in de winter is ontwerpen maken voor het nieuwe jaar. En omdat we er vorig jaar een stuk van 300 vierkante meter bij hebben getrokken, kon ik me heerlijk uitleven in het ontwerpen van een van de borders voor dat nieuwe stuk. 
Je zou misschien denken, dat zijn wel erg veel verschillende planten op een klein stukje grond, maar het is helemaal geen klein stukje grond, deze border is groter dan de gemiddelde Hollandse achtertuin.

Mijn winterkarweitjes heb ik nog niet helemaal af, dus als het nog eens een dag regent is er geen man overboord, maar als het ook maar éven droog is ben ik weer in de tuin te vinden. Het protesteren van mijn rug (die dat gebuk allemaal niet meer gewend is) negeer ik. Spierpijn trekt wel weer weg! 

Terwijl ik een boek lees, bijvoorbeeld. Ik heb de afgelopen dagen zo'n lief boekje gelezen. Herinneringen aan Verwolde, de jeugdherinneringen van een heuse barones die haar jonge jaren doorbracht in huis Verwolde. Een alleraardigst boekje, het is maar heel dun maar het is zo boeiend. 
Ze beschrijft (op verzoek van een neef) haar jeugd in het familiehuis van de familie van der Borch; Verwolde bij Laren (Gelderland).
Als een volleerd schrijfster (wat zij van beroep niet was!) en bijzonder warm en beeldend beschrijft zij hoe het leven in een groot adellijk gezin er rond de eeuwwisseling aan toe ging.
Het is, misschien onbedoeld, een zeer romantische beschrijving van het adellijke landleven, van de gebruiken, de visites, de logeerpartijen in de zomer, de vele ooms en tantes en andere kleurrijke familieleden, de bedienden (over wie zij met respect vertelt), de jacht, het huis zelf met zijn mooie, sfeervolle kamers en vele verstopplekken, een paradijs voor kinderen.