Thursday, 27 February 2014

Het lijkt wel lente!



Het schijnt dat de natuur een week of vier, vijf voorloopt. Dat kan wel kloppen, want de narcissen staan op springen en die bloeien normaliter op mijn verjaardag, eind maart.
Ik moet zeggen dat ik het na de krankzinnig lange winter van vorig jaar totaal niet erg vind dat Koning Winter dit keer een jaartje overslaat. Heerlijk vind ik het om nu al in de tuin bezig te kunnen.
En bezig, dat ben ik! Ik heb de afgelopen dagen – in mijn eigen bedaarde tempo weliswaar – elke dag wel een paar uur in de tuin gewerkt. 
Borders leegmaken was mijn eerste doel. Want door de afwezigheid van winter, dit jaar eigenlijk een lange herfst is die naadloos overgaat in de lente, denken mijn bloemen (van afgelopen jaar dus) dat ze gewoon lekker door kunnen blijven bloeien.

Kaasjeskruid bloeit nog steeds...
Maar sorry jongens, goudsbloemen en kaasjeskruid tussen mijn krokussen, dat vind ik geen gezicht.
Dus die late zomerbloeiers moesten toch echt het veld ruimen. Tezamen met het vele afgestorven groen (nu bruin) dat in een dikke laag over de borders lag. 

Voor: nogal rommelig en veel afgestorven groen.

Kaal dat het nu is! Maar fijn kaal. Niet meer het kaal van vergankelijkheid en vergane glorie, maar kaal van “kom maar op met de lente!” 

Na: orde na de chaos. Laat de lente maar komen!

Daar ben ik dus een middag of twee mee zoet geweest. Behalve de nog altijd bloeiende kaasjeskruid en goudsbloemen heb ik ook een paar zeer grote rozetten verwijderd waarvan ik de kans ongeveer 20-80 inschatte dat het iets moois kon worden, een bosje lelies die vorig jaar BRUINE bloemen bleken te geven. 
Het “voordeel van de twijfel” van afgelopen voorjaar, dat iets heel hoogs bleek te gaan worden, met witte pluimen heb ik er weliswaar uitgehaald, maar wel bewaard, hij krijgt misschien nog een kans op een plek waar zo’n gigant wel tot z’n recht komt. Verder een rabarber die midden in een bloemenborder omhoog kwam – en waarvan ik me toch herinner dat we die vorig jaar al weggehaald hadden. Restje wortel blijven zitten misschien?
 
Bruine lelies...
Enfin, na zo’n middag is het heerlijk theedrinken in de door de zon opgewarmde woonkamer. Helaas waren de berichten voor gisteren wat minder zonnig. Maar zoals gewoonlijk zaten de weermensen er weer eens naast en na de lunch brak de lucht en werd het veertien graden. 
Naar karweitjes hoefde ik niet te zoeken. Vandaag besloot ik de rozen te snoeien. Rigoureus. Vorig jaar heb ik dat ook op die manier, waarvoor de rozen mij bedankten met extreme groei en bloei. Tot mijn verbazing kwam ik maar op elf rozen, er staat me bij dat ik er vorig jaar dertien telde. Zulke dingen kunnen me nachten uit mijn slaap houden, weet je dat. 

Gesnoeide roos (zeg maar: gehalveerd)
Enfin. Wederom was het een prettige middag, want wat geeft werken in de tuin mij toch een hoop vreugde en energie! Ondertussen vermaakte mijn dochter zich met de nieuwe poes Poef, die nog aan de lijn door de tuin struint, en met haar Playmobils. Gisteren was ze zo lief mij gezellig te helpen, handschoenen aan en haar hele tuin mooi kaal gemaakt tot de aarde er weer rijk en zwart uit zag. 

Poef
Mijn dochters tuin ook weer grotendeels kaal
En een beginnetje gemaakt met het kaal maken van de toekomstige moestuin
En werkelijk óveral piepen de puntjes van bollen uit de grond. Ik heb er dan ook honderden geplant afgelopen najaar, en het najaar ervoor ook al heel veel. Het ziet ernaar uit dat we nog maar een paar weekjes geduld hoeven te hebben voor het bloemenfestijn losbarst!

Tulpjes en narcisjes in de tuin van mijn dochter
Narcissen in de zijtuin
Blauwe druifjes
Blauwe hyacinten
 
Sneeuwklokjes natuurlijk
En krokussen in het gras

 Tenzij Koning Winter zich bedenkt, natuurlijk, en alsnog besluit West-Europa aan te doen…



Tuesday, 11 February 2014

Een uitje met de buren


De straat waarin ik woon heeft een actieve "Nachbarschaft".
Dat houdt in dat de bewoners er, als informeel clubje, een paar keer per jaar gezamenlijke activiteiten op na houden. 

Wij wilden beslist integreren, dus hebben wij aan het begin meteen gezegd dat we ons daar ook bij wilden aansluiten, zonder eigenlijk goed te weten wat we konden verwachten.
Het bleek allemaal lang niet zo eng als we vreesden. 

Drie keer per jaar doen we iets gezamenlijks, in de winter, in mei en in de zomer.
Daarbij zijn onze buren een stuk prettiger dan die in onze oude straat. Waar de oude buren voornamelijk bezig waren zo veel mogelijk overlast te veroorzaken en zich zo min mogelijk aan te trekken van eventuele klachten daarover, zijn de buren hier zich ervan bewust dat je het wonen in een straat of buurt met zijn allen gezellig moet houden, en dat iedereen daarvoor verantwoording draagt.
Een instelling die mij veel beter bevalt!

We woonden er nog geen twee maanden toen de uitnodiging voor het klootschieten in de brievenbus viel. Nou hebben wij tien jaar in Twente gewoond maar wat klootschieten nou precies is wisten we nog steeds niet. Uiterst nieuwsgierig gaven wij ons op en kwamen op de dag zelf – ijzig koud, min zes en een harde oostenwind – in onze wintersportkleding opdagen. Daar werd aanvankelijk een beetje lacherig over gedaan, maar het bleek een juiste keus want wij drieën en nog een handvol buren die net zo slim waren, zijn de enigen die het die dag niet koud hebben gehad. 

Hoe gaat dat klootschieten nou in zijn werk?
Nou, vrij simpel. Om te beginnen heb je een trekkar nodig. Daarin gaan twee kratten bier, een paar flessen sterke drank, een lading snoep en een fles limonade voor kinderen en geheelonthouders. In de kar is natuurlijk ook nog een klein plekje voor twee “kloten”, dat zijn de houten ballen waarmee gespeeld wordt. Verder is er een soort schepnet aan een lange steel.

De twee ballen zijn er voor de twee teams. Die teams ontstaan niet zomaar, daar gaat een ritueel aan vooraf. Iedere deelnemer krijgt min of meer willekeurig een nummer met een touwtje eraan in zijn handen gedrukt. Dat nummer is rood of zwart, waardoor er meteen een tweedeling is ontstaan: een zwart en een rood team.

Hierna is het tijd voor het eerste drankje. Iedere deelnemer draagt een klein glaasje of kopje aan een touwtje om zijn hals, waarin een bodempje (...) sterkedrank geschonken wordt. 
Dan is het tijd om op pad te gaan. Dertig man in de leeftijd van 0 tot 90 lopen de straat uit, naar de start van het "parcours". 

Dit parcours word door de organisatoren uitgedacht en bestaat meestal uit een landweggetje waar niet zo veel huizen langs staan. Officieel mag het niet op de openbare weg, maar omdat de hele streek aan weerszijden van de grens deze sport beoefent, wordt e.e.a. oogluikend toegestaan.

Op een zeker moment is het dan zo ver: de nummer 1 van het eerste team mag de kloot werpen. Dit gebeurt onderhands en omdat wij op een heuvel wonen en de eerste worp bergaf gaat, zit de stemming er meteen goed in, want de bal rolt met gemak honderd meter of meer. 
Daarna mag nummer 1 van het andere team werpen. 

Zo volgen de nummers elkaar op, en de volgende moet steeds werpen vanaf de plek waar de kloot van de vorige uit zijn team terechtgekomen is.
Het "schepnet" dient om ballen die in de sloot terechtgekomen zijn, eruit te vissen.  

Wanneer de reeks ongeveer halverwege is, wordt er uitgebreid gepauzeerd voor bier, een klein glaasje en wat lekkers voor de jongsten, waarna de tocht wordt voortgezet.

Op een zeker moment heeft dan iedereen van beide teams geworpen, en de kloot die met de gezamenlijke worpen het verst is gekomen, vertelt welk team de winnaar is, rood of zwart. 
Dit gaat natuurlijk gepaard met een luid gejuich van de ene helft van het gezelschap en een teleurgesteld "oh" van het andere team, en is altijd een goed moment om een pauze in te lassen waarin de glaasjes nog een keer gevuld worden en/of er bier gedronken wordt. 

Naar gelang de weersomstandigheden wordt het spel een tweede keer herhaald, we zijn immers niet alleen aan het sporten, maar ook een route aan het afleggen, en die route leidt ergens heen.

Waarheen, dat is geheim en weten alleen de organisatoren. Na een pauze halverwege het tweede spel waarin er bier gedronken wordt en de glaasjes nog een keer gevuld worden met sterke drank, wordt dan ook bij het tweede spel door de allerlaatste worp een winnaar bepaald en vervolgens blijken we op bijna magische wijze, volkomen ongemerkt, op een plek wel anderhalve kilometer van huis terechtgekomen te zijn.  

Moe van al dat bewegen en buiten zijn gaat het hele gezelschap de zijdeur binnen van een schijnbaar willekeurig huis. 

Daar blijkt door de organisatoren in de "Wintergarten" "Kaffee und Kuchen" klaar te zijn gezet, en, het mooist van al, de bewoner van het betreffende huis heeft een half uur voor onze komst de "Kaminofen" (haard) aangestoken, waardoor we, moe van het buiten zijn en met een glas of vier sterke drank achter onze kiezen, met een temperatuurverschil van ongeveer dertig graden te maken krijgen. 

Jassen gaan uit, iedereen zoekt een plekje in de krappe ruimte, koffiekannen gaan rond, taartpunten worden doorgegeven, iedereen is luidruchtig, warm, en de wangen zijn heel rood. En welk team er nou uiteindelijk gewonnen had, dat is iedereen allang vergeten en is ook van geen enkel belang meer.

Een uur, anderhalf later wordt het gezelschap stil - warmte, alcohol en calorieën beginnen hun tol te eisen. Het moment om op te breken is aangebroken. 

Jassen gaan weer aan, een gestommel en gedoe van jewelste in die krappe ruimte, minstens tien man besluiten dat ze voor vertrek tóch nog even naar het toilet willen, de buitendeur staat al open en een ijzige vlaag tocht waait naar binnen en doet een aantal mensen twijfelen of ze echt nú al weer weg moeten, maar een goede twintig minuten later staat dan toch iedereen buiten, een beetje glazig om zich heen kijkend omdat het hoogtepunt van de dag eigenlijk achter ons ligt.

Toch ligt er nu nog een spannend onderdeel in het verschiet: het spel "Wie organiseert het volgend jaar".
Dit wordt gespeeld met de twee teams, één kloot en een glazen fles. 
Op een stil weggetje wordt de fles (wegens eventuele scherven in een plastic tasje) midden op straat gezet. Het is nu aan de teams de fles kapot te gooien. Weer op volgorde van rugnummer beginnen de teams met dit spannende onderdeel. De winnaar (of verliezer) is degene die voorafgaand aan de beslissende worp gegooid heeft. 
En tja, vorig jaar waren wij dat dus... Ik had misgegooid (het was inmiddels bijna donker, dit is mijn excuus), en vervolgens gooide een buurvrouw van het andere team de kloot zo zuiver dat de fles in scherven lag.

Zo kwam het dus dat wij, met slechts één dag ervaring, dit jaar het klootschieten mochten organiseren. 

Afgelopen zaterdag was het zo ver. Op het weer na (vul "niet aflatende regen" in waar "ijzige kou en harde oostenwind" stond) verliep alles hetzelfde. Het was een geslaagde dag, de buren bedankten ons hartelijk en vonden dat wij het als beginners heel goed hadden gedaan. 

Na afloop gingen we met de hele club boerenkool met worst eten in een plaatselijke eetgelegenheid. Ik moet zeggen dat ik er niet veel van verwachtte, maar dit was toch wel de allerlekkerste boerenkool die ik in mijn leven heb gegeten. 

Om negen uur waren we thuis, om half tien lag ik in bed, compleet uitgevloerd. 

Nu maar wachten op wat de fietstocht brengt in mei, en de barbecue in de zomer. 

O, en voor jullie denken dat ik een beginnend alcoholist ben: nee, met mijn gezondheid is drinken echt een enorme aanslag op mijn lijf. Ik drink slechts drie keer per jaar, in februari, in mei en in de zomer: tijdens de uitjes van de Nachbarschaft. En daar laat ik het lekker bij!








Sunday, 19 January 2014

Gordijnen, of "De dag waarop ik bijna mijn naaimachine uit het raam smeet"

Omdat ons budget net zoals bij de meeste mensen niet oneindig is, en ik er bovendien van houd om eigenhandig mijn woonomgeving te verfraaien, had ik het plan opgevat om de gordijnen voor ons nieuwe huis zelf te maken.

Nu beperkt mijn ervaring op de naaimachine zich tot het in elkaar zetten van vier kussentjes, afgelopen zomer, maar na enige uitleg door de zeer vriendelijke mensen van de stoffenwinkel over het (in mijn idee) moeilijkste gedeelte, durfde ik het wel aan. Immers, een gordijn is toch voornamelijk rechttoe rechtaan. Bovendien waren de kanten door mijn moeder al afgezoomd. Een kwestie van de plooien erin maken voor de haakjes, en klaar.

Nou is het bij mij nooit zo dat wanneer ik me iets voorneem, hoe futiel ook, dat het vervolgens vlekkeloos verloopt. Als ik bijvoorbeeld "even" naar de kelder loop om een pak sap te halen, kan ik er bijna donder op zeggen dat nét de lamp springt, ik vervolgens in het donker misstap, het pak sap ergens in een lading spinnenwebben landt en ik vervolgens een half uur bezig ben om alles weer in de oude staat terug te krijgen.

Eigenlijk had ik er dus min of meer op voorbereid kunnen zijn. Het begon vorige week zaterdagmiddag. Ik liep al een tijdje rond met het idee om de gordijnen van mijn dochter nu eindelijk eens af te maken, en nu december definitief achter ons lag en de dagen stilletjes begonnen te lengen, welde in mij een niet te negeren gevoel op om aan iets nieuws te beginnen. 

Het inspelden van de rand vlieseline ging zo eenvoudig, dat ik hierna vol goede moed de naaimachine uit de doos haalde, de gordijnen klaar legde... om tot de ontdekking te komen dat het speciale garen, in precies dezelfde kleur, nergens te vinden was. Het zal wel bij mijn moeder zijn blijven liggen, maar zij woont honderden kilometers hier vandaan. De stoffenwinkel was met zijn 25 kilometer (ja, wonen in een uithoek heeft ook zo zijn nadelen) een heel stuk dichterbij, dus zat er niks anders op dan daar maar heen te rijden. 

Ik maakte van de nood een deugd en kocht gelijk gordijnstof voor de woonkamer. Daar had ik vorige keer al een staal van meegekregen, en die had ik net zo lang naast het raam gehangen tot ik eraan gewend was en het toch nog steeds mooi vond. 


Strook gordijnstof met bloemen
Ik bedoel, als ik dan toch 50 kilometer moet rijden, dan meteen maar enigszins nuttig besteden, al heb ik nog geen idee wanneer ik met de woonkamergordijnen ga beginnen. Ik nam ook nog een bijpassende stof mee om kussentjes van te maken voor op de bank, en nog een stukje van dezelfde stof als mijn dochters gordijnen, om embrasses van te maken en haar lampenkap t.z.t. mee te bekleden. O, en het garen natuurlijk.

Bepakt en bezakt kwam ik thuis, twee uur later en zonder ook nog maar het minste flintertje energie om die dag nog aan de gordijnen te beginnen. Naaimachine dus maar weer opgeruimd, in afwachting van een dag met meer energie.

Die dag kwam dinsdag. Vol goede moed zette ik de naaimachine weer neer, kop thee binnen handbereik. Vijf minuten later had ik het garen om het spoeltje voor de onderdraad zitten, en vervolgens ben ik ongeveer twee uur bezig geweest dit spoeltje in de machine te krijgen en de draad op te halen.


Het inmiddels gehate spoeltje


Ik zal vast iets stelselmatig verkeerd hebben gedaan, want ik herinner me met de kussentjes van de zomer ook al zo te hebben lopen tobben. 
Enfin, op een zeker moment lukte het me de draad op te halen, maar toen liep de bovendraad er weer elke keer af. Omdat ik totaal niet begreep wat ik verkeerd deed, bleef ik bij elke nieuwe poging keurig alle stappen volgens het instructieboekje volgen. Om dan telkens weer tot de ontdekking te komen dat óf de onderdraad, óf de bovendraad vastliep. Of afbrak. Of op magische wijze in vier draden veranderde, middels een Gordiaanse knoop met elkaar verbonden.

Uiteindelijk, vlak voordat ik met koken moest beginnen, lukte het me dan toch zowel de boven- als onderdraad volgens plan in te spannen. Hoera.
Die avond kreeg ik verschrikkelijk pijn in mijn nek. Ik dacht dat het aan mijn hoofdkussen lag, maar achteraf denk ik dat het komt doordat ik een hele middag dat wiel aan de naaimachine handmatig heb zitten draaien om die draden goed te krijgen.

Pas op vrijdag heb ik daardoor het karwei voort kunnen zetten. Ik zette een kop thee klaar, stak de stekker in het stopcontact, vouwde de gordijnstof uit en kwam tot de ontdekking dat die klaarstaande ingespannen draad helemaal niet van plan was een symbiose met de gordijnstof aan te gaan.

Een hoopvol begin

Maar dan zag het er van achteren zo uit.
Steevast na drie centimeter liep de boel vast en kon ik alles weer losknippen, uithalen en opnieuw beginnen.
 Ik zocht me in het instructieboekje suf naar de oorzaak. Nou stond achterin een hele lijst met dingen die mogelijkerwijs fout kunnen gaan, maar dit probleem werd niet vermeld. 
Ik maakte gebruik van mijn gezond verstand en toen dat niet meer toereikend was, van Google, maar niets hielp.

De berg uitgehaalde draadjes
Werd groter...

...en groter


Weer een stuk draad vastgelopen...

Of de achterkant zag er zó uit

Dus maar de draadspanning veranderen, maar dan zag het er van boven weer zo uit

Of zo

Het was inmiddels laat in de middag. Mijn dochter was terug uit school. Het vriendje dat bij haar kwam spelen was inmiddels weer naar huis. En ik was nog altijd aan het begin van de stof, zonder dat ik ook maar een centimeter opgeschoten was. Tot overmaat van ramp brak op dat moment de naald. Mijn man zei: "Houd er vandaag toch mee op, en ga morgen met frisse moed verder." Dat was een soort olie op het vuur. "Morgen staat die naaimachine er niet anders bij dan vandaag," beet ik hem toe (niet dat hij zo'n snauw verdiende, het was meer dat er inmiddels bijna stoom uit mijn oren kwam).

Uit mijn woede putte ik nieuwe energie. Ik besloot iets te doen wat geen enkele tutorial, how-to of gegoogelde naaimachine-advies-site me had verteld: ik zette de bovendraadspanning op een onmogelijk hoog niveau. Tevens besloot ik de naald te vervangen door een jeansnaald (hoewel de gordijnstof echt niet zó dik is!) - wat natuurlijk ook niet van een leien dakje ging, want onder het voetje zit zo'n leuk gaatje, en daar liet ik hem dus in vallen, waarna ik de machine op moest pakken en op zijn kop moest houden om de naald terug te vinden.

Maar hierna begon er toch iets te lukken!

De linker is van mij, de rechter van m'n moeder. Netjes toch!
Ik was helemaal blij natuurlijk! Voor het eerst zomaar tien centimeter probleemloos! Ik controleerde de achterkant, en ook die zag er netjes uit. Goed, gordijn in z'n geheel op schoot gelegd en in één keer die hele lap erdoorheen... Och, nee toch... intussen was de onderspoel leeg natuurlijk, door ál die honderden mislukte stukjes die ik steeds weer moest uithalen. 

Zaterdag ging ik verder en begon de dag met het gedoe van de onderspoel (er staat in het instructieboekje iets over vastzetten met "een klik" maar die klik heb ik nog nooit gehoord, wel mijn eigen gescheld wanneer het ding er wéér uit lazerde nog voor ik hem goed en wel had vastgeklemd.

Enfin, het vastzetten van de band vlieseline was, nu de naaimachine niet langer tegenwerkte, een fluitje van een cent. Ongeveer tien minuten nadat ik begonnen was, had ik allebei de gordijnen afgezoomd en zat er bovenin een mooie stevige rand vlieseline.

Hierna ging ik met de plooien aan de slag. Ik vind dubbele ingenaaide plooien altijd prachtig en nadat de vriendelijke medewerkers van de stoffenwinkel me hadden uitgelegd hoe je die maakt, durfde ik het zeker wel aan.

Eerst maakte ik enkele plooien (ik heb 9 om 9 centimeter gedaan, plooien werden 4,5 hoog dus):
Enkele plooien
 En die vouw je daarna nog een keer in.
Dubbele plooien
Deze zet je met een paar klein steekjes vast. Ik dacht dat mijn naaimachine dit niet aan zou kunnen, dus probeerde ik het eerst met de hand met een gewone (dikke) naald, maar die brak, dus toen besloot ik de toch al behoorlijk dikke jeansnaald op de naaimachine te vervangen door een nóg dikkere (geen idee trouwens hoe dit setje in mijn naaidoos terecht is gekomen, ik was er desalniettemin erg dankbaar voor!).
Deze ging niet vanzelf in het daarvoor bestemde gaatje. Hij leek toch precies net zo dik als de andere! Uiteindelijk bracht een tang van mijn man uitkomst (of ik hem er ooit nog uit krijg is de vraag). 

De vier keer dubbelgevouwen stof paste maar net (of eigenlijk: niet) tussen het persvoetje,
maar de superdikke naald gleed moeiteloos door de stof heen. Het lukte! Ik moest wel aan de stof trekken om hem onder het persvoetje door te krijgen, maar verder ging het eigenlijk bijna vanzelf. Wat heerlijk!

Volgende keer ga ik verder met het linker gordijn. Niet te veel in één keer, dat trek ik niet. Zolang ik elk karwei in kleine stukjes verdeel, kan ik het wel aan. Te veel hooi op mijn vork is snel genomen, nog even dit, nog even een klein stukje dat. Ik moet mezelf in toom houden, zeker wanneer ik lekker bezig ben, want de klap komt altijd achteraf. 


Nou ja, en als dit dan af is, hoef ik alleen nog maar gordijnen te maken voor mijn slaapkamer, voor de voorkamer, de achterkamer, de keuken, de hal... voorlopig nog voldoende te doen dus! In elk geval fijn om te weten dat ik het kan, en dat het feit dat het niet lekker lukte, meer te maken had met mijn gebrek aan ervaring met naaimachines, dan met mijn talent. Heerlijk, zo'n trots gevoel!


Gordijn 1 hangt!

De mooie dubbele plooien

Mooi i.c.m. haar bloemenbehang



Friday, 3 January 2014

Warme winter

Tot nu toe is de winter voornamelijk te warm geweest, en eerlijk gezegd vind ik dat voor een keertje helemaal niet erg. Ik houd ontzettend van sneeuw, maar als die, zoals afgelopen jaar, tot voorbij mijn verjaardag blijft liggen, komt het zelfs mij mijn neus uit.

Daarom nu dus volop genieten van een tuin die het gewoon maar "blijft doen", ook al ligt de kortste dag inmiddels achter ons. En ook al is er maar bar weinig te doen.
Vanmiddag was het een graad of elf en daarom besloot ik, nadat ik de ramen had gezeemd alsof het een vrolijke lentedag was, toch maar eens te kijken of er niks in de tuin te doen viel.

Uiteindelijk bleken er heel wat karweitjes op me te wachten. Zo stond de (nog steeds vrijwel onontgonnen) zijtuin vol met distel- en paardenbloemrozetten. Stond, want die liggen nu, samen met de enthousiast groeiende brandnetels, op de composthoop. 
Ook vielen er nog bollen te planten (ik heb nog rond de 120 bollen die nog in de grond moeten) en wist ik eindelijk een plek voor de twee bramen die nog altijd in pot stonden te wachten, namelijk ergens tussen de gemengde haag. Ook de framboos die nu nog in de tuin van mijn dochter staat, gaat daarheen.

Verder heb ik mijn nieuwe takkenschaar uitgeprobeerd op de waterloten in de appelboom, en ik kwam tot de bevredigende conclusie dat deze superscherp is en dat zelfs dikkere loten nauwelijks moeite kosten. Erg fijn, want alles waarmee ik energie kan besparen is meegenomen natuurlijk.

Uiteindelijk rond een uur of drie voldaan naar binnen gegaan, blij met deze (tot nog toe) zeer zachte winter en tevreden en warm na een paar uur in de tuin werken. Dat werd dus een welverdiende kop thee!


Campanula bloeit nog

Lobelia die maar blijft bloeien, in een mand

Rozemarijn bloeit altijd in deze tijd

Goudsbloemen die maar niet ophouden

Iets wits dat altijd héél vroeg bloeit, wie kan me de naam vertellen?

Geen idee wat het is, maar het bloeit nog steeds

Een distel die nog steeds bloeit

Onverwoestbare viooltjes

Nog meer campanula (echt, ik zou zweren dat dit in juni hoort te bloeien)

Zelfs een roos die het gewoon blijft proberen
Goudsbloemen

Komkommerkruid

Ganzebloem

Kaasjeskruid

Nog meer goudsbloemen

Prikneus in knop

Moederkruid

Geranium (Pelargonium) die gewoon doorbloeit

Lavendel (sorry voor de onscherpte)

Kipjes mogen soms los in de tuin, scheelt weer onkruid wieden

Het zijn maar details hoor, al die bloemen. Over het algemeen is het natuurlijk gewoon saai en kaal.



Maar toch genoeg bloemen om op 10 januari een gezellig boeketje uit eigen tuin voor het raam te kunnen zetten!