woensdag 3 juli 2013

Het jaar zonder zomer

Het jaar zonder zomer, dat was 1816. Niet 2013, al zou je het soms gaan denken. 
Maar het is "pas" juli, het kan allemaal nog goed komen. Hoewel ik er een hard hoofd in begin te krijgen, als ik eerlijk ben. Steeds maken de weermannen en -vrouwen ons lekker met "nog even doorbijten maar daarna wordt het écht mooi weer", en dan zakt het telkens na een dag of drie al weer in.

Enfin, 1816 was nog veel erger. Doordat een jaar eerder de vulkaan Tambora op Soembawa uitbarstte, zo'n beetje de hevigste vulkaanuitbarsting sinds mensenheugenis, dreef er een aswolk de wereld over die zo veel zonlicht tegenhield, dat het in juli nog vroor, in augustus sneeuwde en in september de winter al weer inviel, waardoor vrijwel alle oogsten mislukten en er hongersnood uitbrak. 

In mijn tuin groeit, ondanks de niet erg bij de tijd van het jaar passende temperaturen, alles prima. Als ik een moestuin had (die komt nog, maar zo ver zijn we nog niet), zou er althans geen sprake zijn van mislukte oogsten. Zo slecht is het nu ook weer niet. Maar goed, ik zit dit toch weer gewoon binnen te tikken. Want het regent al sinds gisteravond, niet hard, maar genoeg om niet buiten te willen zijn. Maar morgen, volgens de weerexperts, gaat écht het mooie weer beginnen. Ja ja.

Het blijft natuurlijk jammer dat ik niet wat vaker kan genieten van de tuin. In deze tijd van het jaar wil je niet binnen zitten! 

Het uitzicht is wel leuk hoor, daar niet van...
Daarom bleef ik onlangs, toen het onlangs verschrikkelijk onweerde (een nabijgelegen stad kreeg zo veel water te verwerken dat het 's avonds op het journaal kwam), gewoon buiten zitten. Waar heb je anders een veranda voor! Stoïcijns, met een dik vest aan, een kop thee voor mijn neus en een dik boek binnen handbereik, zat ik de onweersbui uit, terwijl zich vanaf het hoger gelegen deel van de tuin een rivier vormde die een mooie bocht maakte onder de tuintafel door, om vervolgens af te buigen naar het grindpad langs het huis, dat op dat moment meer weghad van een helder beekje met een kiezelbedding. 

Piscine à la terrasse

Ik vind het vooral jammer van de avonden. Ik vind het altijd heerlijk om op die eindeloze zomeravonden eindeloos te schemeren, heerlijk buiten te blijven terwijl het langzaam donker wordt maar wel warm blijft. 

De schemer valt in
Enfin, zoals ik al zei, trekt mijn tuin zich niet zo heel veel aan van de te lage temperaturen. Ook bij 17 graden komen de rozen tot bloei, zij het wat trager en korter dan gewoonlijk. Ik had vooral de gele roos aan het begin van de lente uitbundig gesnoeid, en dat heeft zijn vruchten afgeworpen. Van snoei komt groei en bloei!

Vol knop en bloem
En hij geurt heerlijk! Net zoals Brother Cadfael, mijn nieuwe Engelse roos langs het pad. Een heel opvallende, bijna bedwelmende geur. 


Zo mooi, die ene grote roos tussen de andere bloemen. Hij trekt alle aandacht naar zich toe!

De roos aan de andere kant van het pad, Redoute, is een beetje laat, maar zit wel vol knoppen. 
Rosa 'Heritage'
Wat wel grappig was, is dat ik twee oude kleinbloemige roosjes die er al stonden, per abuis heb aangezien voor Fairy's. Ik vind The Fairy een leuk roosje, daar niet van, maar ik ben er niet kapot van. Er zijn zo veel mooiere, bijzonderder variëteiten. Groot was dan ook mijn verrassing toen de bloemen van een van de twee wit bleken te zijn en nog een beetje geurden ook. Ze hangen een klein beetje over het pad, maar dat vind ik juist schattig.


Waar ik ook heel blij mee ben, is dat mijn twee nieuwe clematissen zo goed zijn aangeslagen. De 'Comtesse de Bouchaud' is anderhalve week geleden tot bloei gekomen, en ik ben er zeer mee in mijn nopjes. Wat een prachtige bloemen en wat een mooie kleur!

Comtesse de Bouchaud
 In de wand van de veranda zit een klein raampje met glas in lood. Vanaf de andere kant ziet dat er zo uit:
En dat vind ik een heel aardig plaatje

Verderop in de tuin tiert alles ook welig.
Het vingerhoedskruid natuurlijk, een van mijn lievelingsplanten:





Op de onderste foto staat onze libel, een kunstwerkje dat mijn vader gemaakt heeft, van de meest basic materialen die je je maar kunt voorstellen: een grote spijker en vleugels van gaas. Hij wiegt zachtjes in de wind, een heel rustgevend plaatje, ik ben er erg blij mee.

Het gemengd wildebloemenzaad  dat ik in het voorjaar op de nog zo kale stukken heb gezaaid doet het prima, en de hommels (bijtjes zie ik helaas erg weinig) waarderen het allemaal zeer.
Steenhommeltje op korenbloem

Lekker vol
 
Hommeltje op een ... (wie weet hoe dit bloemetje heet?)

Borage

Korenbloem

Geen idee wat het is, maar erg schattig en mooie kleur
Verder staat er een heleboel op springen en komt er van alles op dat ik maanden terug als zomerbol de grond in heb gedaan, zoals de dahlia. Niet van die oma-achtige boerenbollen, maar eentje die meer wegheeft van een margriet, met een geel hartje. Het blad staat al flink hoog, dus als de bloemen er zijn plaats ik beslist foto's. 

Dit zou de dahlia moeten zijn.

En dit worden als het goed is Abbessijnse Gladiolen
Die laatste hebben meer weg van een kruising tussen een lelie en narcis overigens, en lijken in niets op de standaard Vierdaagse-van-Nijmegen-gladiool.

Verder heb ik langs de randjes van mijn pad, hoe kon ik ook anders, randjesbloemen gezaaid. Een groot succes, ik hoop dat ik volgend jaar aan veel meer van deze zaden kan komen, de bloemetjes zijn erg schattig!
Randjesbloemen, langs de rand, zoals het hoort.
Detail
Ondanks dat er "blauwmelange" of iets van die strekking op het zakje stond, bleken er toch een paar verstekelingen tussen te zitten. Oranje en geel! Nu vind ik het fantastisch dat we in Nederland tegenwoordig een koning en een koningin hebben, maar dat betekent niet dat ik hun kleur ook in mijn tuin wil zien. Ik heb mijn dochter toegestaan die oranje vrijelijk te plukken. Geel kan ik dan wel wat beter verdragen, dit is ook een lief bloempje natuurlijk.
Iets Rudbeckia-achtigs



De Buddleia's zijn allebei ook goed aangeslagen, de een is al bijna net zo groot als ik. Maar hoe dit nu blauw moet gaan worden? Ik laat me verrassen.

Buddleia (blauw?)
Mocht hij wit uitvallen, dan is er nog geen man overboord, ik vind wit ook mooi en de vlinders maakt het waarschijnlijk niks uit.
Ze zijn er al, een paar, wachtend op het losbarsten van de vlinderstruiken.

Kleine vossen op de kruiptijm
Jammer hè, van dat net over de vijver. Maar ja, de reiger. En Poedie. Ook zij. Het is sinds een tijdje haar grote hobby om liggend (zonder pootjes, zoals een poes dat zo mooi kan) naast de vijver de vissen gade te slaan. En er soms eentje aan te tikken. Of de kikker. Gelukkig is er dat net, maar toch. 

Poedie
We houden goed in de gaten of ze onze prachtige groene kikker niet pakt natuurlijk.

Kermit


Achter de vijver heeft mijn man een paar van de vele stenen die we her en der in de tuin vonden, neergelegd, ter decoratie, en een beetje als afscheiding met het perk erachter. Daar groeit nu longkruid (Pulmonaria), Alchemilla, kruiptijm en munt, heel schattig allemaal, en redelijk spontaan eigenlijk: alleen de kruiptijm heb ik zelf geplant.



Verderop in de tuin ontstaan ook de mooiste spontane combinaties.
Niet helemaal spontaan (want bewust in elkaars buurt geplant) is de door mij erg gewaardeerde salvia-gaura combinatie :

Gaura & Salvia "Ostfriesland"
Na de bloei snoei ik de salvia's terug, gewoonlijk volgt er later in de zomer dan nog een tweede, iets bescheidener bloei.

Oma's gebroken hartje & Vrouwenmantel

Rosa "Katharina Zeimet" tussen het wildebloemenmengengsel

Achastache (dropplant) "Blackadder" & ...

De dropplanten heb ik, net als in mijn oude tuin, weer gecombineerd met de flox (die bloeit nog niet, vandaar niet op de foto). Dat gaf destijds een prachtige combinatie, ook omdat ze vaak gelijktijdig bloeiden.

 
In de oude tuin

 Ik heb nu twee verschillende agastaches, de "Blackadder", die donkerder is (ook het blad) en meer naar anijs ruikt, en de gewone zoals ik hem in de oude tuin had, die meer naar drop ruikt.

Ik houd enorm van planten en bloemen die meer dan één zintuig strelen. Planten die niet alleen mooi zijn, maar ook lekker geuren. Of die hele donzige blaadjes hebben. Of juist, zoals de zonnebloem, een kriebelige steel.
Jammer alleen dat ik van rozenprikjes steevast bultjes op mijn handen en armen krijg, ik moet altijd handschoenen dragen als ik met de rozen in de weer ga.

Alchemilla met morgendauw

Lychnis/prikneus met zijdezacht blad
Dit is een bloem met emotionele waarde. Heel vroeger, toen ik zo oud (of jong) was als mijn dochter nu is, had ik een eigen tuintje van ongeveer twee vierkante meter. Daarin stond o.a. een appelboom die ik zelf uit een pit had opgekweekt (dit boompje staat er nog en is vanuit de ruimte met Google Earth zichtbaar. Ik heb het aangezicht van de Aarde groener gemaakt!), maar ook deze schattige felroze met grijze plantjes stonden er. Ik had als kind geen idee hoe het heette, en noemde het om de een of andere reden "poppenbosje". 
Nog steeds duid ik ze bij die naam aan, al weet ik intussen wel hoe ze officieel heten, en mijn dochter heeft deze benaming, die kennelijk nog meer aanspreekt dan het grappige "prikneus", overgenomen.

Het pad eens vanaf de andere kant bekeken
 Al met al ben ik behoorlijk blij met de vorderingen die mijn tuin in die paar maanden heeft gemaakt. Als je ziet vanwaar we gekomen zijn, en waar we nu zijn, dan kan ik alleen maar nederig mijn eer bewijzen aan de kracht van de natuur. Jazeker, ik heb een handje geholpen, ik heb de planten uitgezocht, de grond gereed gemaakt, de planten en bollen in de grond gezet, maar toch, de groei en de kracht waarmee dat gepaard gaat, komen van de natuur en dat dwingt respect af. 
Nog maar drie maanden geleden lag er sneeuw, en moet je nu eens zien, een paradijsje van lila, roze, wit en blauw. 


En tot slot...
 
Een geheimpje dat bijna uitkomt












Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen