dinsdag 29 juli 2014

Waterlelies



Bij ons vorige huis hadden we een vijver in de voortuin, simpelweg omdat er in de achtertuin geen plek was. Ik kan me nu bijna niet meer voorstellen dat ik tien jaar lang mijn tuinaspiraties heb kunnen vervullen in een tuintje van tien bij vijf meter. Mijn huidige terras is al groter dan dat! 

Goed, de voortuin dus, daar hadden we een vijver gemaakt. De vissen die we erin hadden gedaan (goudvissen en goudwindes) lieten zich niet zien, ook niet als ik ze eten gaf. 
(Wie m'n oude adres opzoekt in Google Streetview ziet mij trouwens in de voortuin bezig, haha!) 

De waterlelie die we erin hadden geplant kwam nooit verder dan een heleboel blad en heeft nooit gebloeid. Kroos zat er volop; de eenden uit de vijver in de buurt vonden onze kleine vijver erg aantrekkelijk en brachten poten vol kroos met zich mee.

Hier was de vijver pas aangelegd en nog heel erg kaal.
Al met al was die eerste vijver niet zo’n daverend succes, al vond ik het wel gezellig staan als ik vanuit de keuken, tijdens het koken, laat in de middag de zon op het water zag schijnen.

Maar we hadden wel kikkerdril
In onze huidige tuin zit ook een vijver. Niet precies op de plek waar ik gekozen zou hebben, meteen naast het terras, maar nu we er een bescheiden fonteintje in hebben dat het water laat bubbelen en borrelen, wat klinkt alsof er een klein beekje door de tuin stroomt, vind ik het geen probleem meer.

Ook de vissen (die er al in zaten, koi en goudvissen, zelf hebben we er nog een vijftal goudwindes bij gezet) zijn veel leuker. Ze kennen inmiddels mijn hand als “de hand waar eten uit valt” en verzamelen zich met kussende mondjes in de opening tussen de waterleliebladen zodra ze me zien aankomen.

Een vis tussen de waterleliebladen
Ja, waterleliebladen, want vanzelfsprekend hebben we hier toch ook weer geprobeerd of een waterlelie wilde lukken.
Dat had nogal wat voeten in de aarde, want deze vijver was nou niet bepaald aantrekkelijk te noemen toen we hier kwamen wonen. Kijk en oordeel zelf:

Rechts vooraan de vijver. Met een door de vorige bewoner op maat gemaakt hekwerk eroverheen, en een woud van rietstengels waardoor nauwelijks de halve vijver zichtbaar was.
Mijn man (de vijver is zijn project, mannen vinden dit blijkbaar leuk, mijn vader is in zijn tuin ook altijd zo druk met zijn vijver) heeft eerst dat woud aan riet weggehaald. Er kwam een vijver te voorschijn die twee keer zo groot bleek. We kochten waterplanten en planten voor in de rand, en een waterlelie, want we ontdekten dat deze vijver een stuk dieper was dan onze oude. 
Leeg en twee keer zo groot
En jawel, het lukte. Deze keer gaf de waterlelie wel bloemen. En wat zeg ik, niet één bloem tegelijk, maar soms wel vijf of meer! Ik vind ’t prachtig, en wat ik ook zo leuk vind aan waterlelies is hun bescheiden manier van bloeien. Ze beginnen opgevouwen in een knop onder water en worden groter terwijl ze naar het wateroppervlak groeien. Tegen de tijd dat ze boven water uitsteken, gaan ze open. Elke avond als de zon begint te zakken sluiten ze zich, maar de volgende morgen staan ze al open wanneer ik buiten kom. Na een paar dagen sluiten ze hun blaadjes voorgoed en laten zich stilletjes weer onder water zakken. 
En als er een weg is, komt er meteen weer een nieuwe. Sinds de bloei dit voorjaar begon, hebben we bijna nog geen dag zonder gezeten.

Waterlelie

Twee waterlelies
 
Waterlelie met twee knoppen
 
Alle drie open


Spartelende vis

Vijf waterlelies en drie knoppen!


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen