woensdag 3 april 2013

Helena en haar Duitse Tuin



Ter gelegenheid van mijn verjaardag kreeg ik vorige week het boekje "Elizabeth en haar Duitse Tuin" cadeau. Ik vond dit een erg leuk cadeau, niet alleen omdat ik zo graag lees, maar vooral omdat ik sinds een half jaar ook een Duitse tuin heb.


Een van de grootste voordelen van Duitse tuinen is dat ze over het algemeen nogal groot zijn. Naar Nederlandse begrippen helemaal. Kavels van 500, 600 vierkante meter zijn hier zo'n beetje de standaard. Mijn nieuwe tuin is minstens tien keer zo groot als het postzegeltje dat ik in Nederland achter het huis had liggen. Om een indruk te geven wat dat betekent: het oude huis, inclusief voor- en achtertuin, past in het smalle strookje tuin naast ons huidige huis. 

Helaas is het sinds we hier wonen alleen nog maar winter geweest, dus echt veel heb ik nog niet van m'n Duitse tuin kunnen genieten. Verder dan wat overtollig spul weghalen (zie mijn update van 11 maart) kwam ik niet, de aanhoudende nachtvorst verhindert me - als het me al zou lukken door de permafrost heen te graven - nieuw spul te planten.

Een heleboel uit de vorige tuin meegenomen planten heb ik, na een paar hoopvolle pogingen ze aan de buitenlucht te laten wennen, voor de zoveelste keer in hun kuipen terug in de schuur gezet. Daar heb ik overigens cementbakken van de bouwmarkt voor gebruikt, die kosten maar een paar euro en met een paar gaatjes onderin doen ze prima dienst als kuip voor grotere planten.

Dinsdag was het toch weer mooi weer, hoewel nog veel te koud door de straffe oostenwind, en ik kon het niet laten om weer wat in de tuin te gaan doen. Ik had toen we hier kwamen wonen ingecalculeerd dat ik zo'n beetje tot begin maart binnen zou moeten zitten, maar dat het nu inmiddels april is stelt m'n geduld danig op de proef.

Een paar weken terug ben ik begonnen twee bomen uit hun krachten gegroeide coniferen weg te halen. Het is de bedoeling dat ze helemaal verdwijnen, op drie meter stam na, want daar kan natuurlijk een pracht van een schommel tussen gemaakt worden.  

Beide droegen hun takken tot op de grond. Het geheel deed nogal bosachtig aan en hield 's middags de nodige zon tegen. Tuin op het zuiden en dan vanaf half 4 geen zon meer, dat kan natuurlijk niet.

Dus ging ik aan de slag met een grote takkenschaar en een stel spierballen (van mijzelf, een in m'n linker en een in m'n rechterarm) en na een middagje zweten en zwoegen zagen de twee eruit als een kip op hoge poten, maar had ik ineens wel een heleboel zon in m'n woonkamer.
Kip op hoge poten
Aan het eind van de middag piept de zon precies onder het gesnoeide deel door, en schijnt zo door het zijraam de eetkamer binnen. Dat is natuurlijk precies wat je in het voorjaar graag ziet, maar ik besefte dat er ook nog een zomer aan zit te komen, waarin je misschien helemaal niet zit te wachten op die hete zon in je kamer. En omdat ik natuur en milieu een warm hart toedraag, komt er naast de ene boom (zodra deze is gereduceerd tot een paal voor de schommel) een loofboom - kaal wanneer ik zon in de kamer wil, en bebladerd wanneer ik dansende schaduwen prefereer.

De tuin is aan die kant afgezoomd met een haag van coniferen. Niet mijn persoonlijke keuze, maar het staat er nu eenmaal, hij is ruim twee meter hoog en geeft lekker veel privacy.

Op sommige plekken ziet hij er zo uit:
En daar is weinig mis mee
 Maar onder de bomen ziet het er zo uit:
En daar zitten we natuurlijk niet op te wachten.


Nou ben ik wat tuininspiratie betreft soms heel erg van het idee van "beter goed gejat dan slecht bedacht" (dit verklaart deels mijn verslaving aan Pinterest, waar ik in korte tijd duizenden inspirerende tuinfoto's bij elkaar heb verzameld) - en zo kwam ik laatst op het idee, al fietsende door het heuvelland dat mijn huis omringt, om de ongewenste coniferen niet weg te halen, maar alleen kaal te knippen. Ik fietste langs een tuin waar iemand  een rij ongewenste coniferen veranderd in een rij prima paaltjes, steviger dan welke paal ook verankerd in de grond, keurig op dezelfde afstand van elkaar - perfect om een hek van te maken.
Ik hoefde alleen de zijtakken er maar af te knippen.
Leuk en aardig, maar toen bleek dat mijn coniferen helemaal niet uit één zo'n keurige stam bestaan. Integendeel zelfs. Op 1 centimeter boven de grond zijn ze stuk voor stuk gesplitst in minstens drie takken.
Hoe ik daar een hekje van kan maken waar de meidoorn tegenaan kan groeien (zodat ik, als de meidoorn groot en dicht genoeg is, de achterliggende coniferen kan verwijderen), is me nog niet helemaal duidelijk, maar ideeën komen vooral in me op als mijn hoofd leeg is, en er is nauwelijks een betere manier dan tuinieren om het hoofd leeg te krijgen, dus vertrouw ik erop dat de oplossing zich al snoeiende aan zal dienen.

Ondertussen alweer een stapel takken bij elkaar geknipt die hoog genoeg is voor een volgend paasvuur.
Het tuinafval van mijn verhaal van 11 maart is ook op het gemeentelijke paasvuur gegaan. Dankzij onze bijdrage was de berg zeker twee meter hoger dan voorgaande jaren. (schromelijke overdrijving)

Ondertussen was het in het zonnetje wel lekker warm, maar in de wind was het niet te harden. 
33 graden!

En hoewel - puur doordat het langer licht is, vermoed ik, niet vanwege de temperatuur - de knoppen aan bomen en struiken steeds dikker worden, is het qua bloemen - zelfs bollen! - maar magertjes gesteld. Hieronder de foto's van al het moois in mijn tuin.


Meer is er niet!

Ik was gisteren lekker op dreef want ik heb nog veel meer in de tuin aangepakt. Met de recentelijk teruggevonden heggenschaar (handmatig aangedreven, de elektrische staat nog op mijn verlanglijstje) een van de taxussen die mogen blijven bijgewerkt.
Links: de keurig gesnoeide taxus

En hiermee zie je meteen een van m'n favoriete plaatjes van de nieuwe tuin. Is het niet schattig, dat kleine hekje? Tussen de taxus en het groen aan de rechterkant loopt een pad, en daarom heb ik besloten dat dat hekje een scharnier krijgt, om een zij-ingang naar de tuin te creëren.

Het pad loopt nu nog rechtdoor, zo naar het gras, waar je met een grote omweg weer bij het terras kunt komen. Ik besloot dat dat beter kan, zeker gezien het feit dat er aan de andere kant naast het pad een prachtige met klimop begroeide boog staat.

De begroeide boog met in de weg staande hibiscus

Het pad krijgt hier een bocht naar links, waarna je achter het (nog te creëren) bloembed langs naar het terras kunt lopen, of naar de (nog te creëren) schommel.
Hiervoor moet de grote hibiscus helaas wijken. Misschien krijg ik hem heelhuids uit de grond en kan ik hem elders neerzetten. Groot o ja moment trouwens laatst toen ik las dat de hibiscus lid is van de kaasjeskruidfamilie - dit terzijde.

Achter de poort staat het best bewaarde geheim van onze tuin: de put.

De geheime put (van Vrouw Holle?)

Als je het niet wist zou je het niet weten. Van onder tot boven begroeid met klimop, maar met een heus peillood en - even testen - jazeker, water erin, op zo'n drie meter diepte.

Het peillood aan een touwtje
Uit het groen steekt de arm van de pomp. 
Ik ben van plan de klimop er deels af te halen, zodat de put wat meer zichtbaar wordt. Plannen voor een houten dakje erboven en een spoel met een emmertje zijn er niet. Ik wil de put gewoon laten zoals hij is, aanwezig maar niet te opvallend. Een tuin moet altijd zo hier en daar wat kleine geheimpjes herbergen.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen