donderdag 22 augustus 2013

Maaltijdsoep

Ik had het beloofd, het recept van een van mijn favoriete soepen. Gisteravond dacht ik, wat kunnen we nu toch weer eens eten. Ik vind het altijd zo moeilijk om weer iets te bedenken. Ineens wist ik het: ik maak die soep, dan kan ik meteen foto's maken.

Zo gezegd zo gedaan. Eerst natuurlijk kijken of ik alle ingrediënten wel in huis heb. Meestal is dat wel het geval, bij iedereen denk ik wel, want zo veel bijzonders gaat er niet in.
Benodigdheden: mesje, snijplank, koekenpan en je grootste gewone pan.
Daar gaan we. Voor alle ingrediënten geldt: liefst vers.



* Biologisch gehakt (want ik vind: als je dan toch vlees wilt eten, eet dan in elk geval biologisch vlees)
* Knoflook (hoeveelheid mag je zelf bepalen, ik gebruik voor deze soep minstens vijf tenen omdat ik er gek op ben)
* Twee flinke uien
* Een stuk of zes, zeven flinke tomaten (die had ik zelf niet meer in huis, vandaar blikje tomatenblokjes)
* Een blikje tomatenpuree (zo'n miniblikje)
* Kruidenbouillonblokjes
* Kokend water
* Zilvervliesrijst
* Drie grote aardappelen
* Pasta (kleurtjespasta geeft het leukste effect, maar volkoren is gezonder)
* Oregano
* Dipper
* Paprikapoeder
* Peper
* Olijfolie
* Parmezaanse kaas
* Plus één geheim ingrediënt dat ik pas op het allerlaatst onthul, en dat bepalend is voor de smaak van deze soep.

Goed. Eerst het water maar eens opzetten.

Wat lijk ik enorm dik in de spiegeling van de fluitketel

Daarna het gehakt, dat je natuurlijk vers hebt gekocht en niet, zoals hier op de foto is te zien (en wat mij nou altijd overkomt) op het laatste nippertje uit de vriezer gehaald, rul bakken, samen met de knoflook en de uien in een beetje olijfolie en met wat versgemalen peper, op een zacht vuurtje zodat de uitjes lekker bruin en zoetig worden. Knoflooktenen snijd ik altijd in plakjes en uien gaan in grove stukjes, het is een landelijke soep waar de uitdrukking "Franse slag" goed bij past, dus het luistert allemaal echt niet zo nauw.

Gehakt vergeten uit de vriezer te halen...

Terwijl ik stond te wachten op het gehakt en het water, keek ik eens om me heen in de keuken. Wat ik zag was niet zo fraai. Onze keuken is nog helemaal origineel. Ik keek laatst een film uit 1984 en daar zag ik een keuken die identiek was aan de onze. De keuken is dan ook het volgende grote project dat we willen gaan aanpakken hier in huis.

De schattige "tegeltjes" zijn nep, dit is zeil. Tegen de wanden.

In een vreselijke combinatie met een totaal niet-bijpassend behangrandje

Gelukkig is er wel een vaatwasser (half formaat weliswaar, dus hij moet bijna elke dag aan)

En een kundig "ingebouwde" magnetron

En een strategisch geplaatst TL-balkje (deze hangt in een deurpost, waar je hem nimmer nodig hebt)

We woonden er al een half jaar toen we de tweede lichtknop ontdekten. Onze dochter ontdekte hem, zij is klein genoeg om onder de kastjes door te kijken.Fijn, want met die onderste bedien je, heel onlogisch, het ganglicht. De bovenste is voor het licht in de keuken zelf.
Dat antieke Franse draadmandje met eitjes komt hier helemaal niet tot zijn recht, maar het geeft een beetje een idee van wat ik met de nieuwe keuken van plan ben.


We hebben ook al een kastje in de nieuwe kleur geverfd, om alvast een beetje te wennen en te kijken hoe dat uitpakt bij de lichtinval en zo. Natuurlijk komt zo'n kleur op een foto nooit zo goed uit als in het echt, dus het lijkt heel grijzig, maar in werkelijkheid is het olijfgroen van Farrow & Ball.


Omdat de rest van de kastjes zo lelijk is, lenen ze zich perfect voor allerlei knipsels en andere creatieve uitspattingen van mijn dochter.



Ik heb natuurlijk niet alleen maar om me heen gekeken. Deze wachttijd is prima geschikt om de tomaten in stukjes te snijden en de aardappels te schillen. En ondertussen het ui-gehaktmengsel een beetje door elkaar te husselen zodat er niks aanbrandt.

Goed, intussen kookt het water en zijn gehakt en uitjes bijna goed.


Het kokende water in de pan gieten (je kunt het natuurlijk ook meteen in de pan aan de kook brengen, maar mijn gevoel zegt dat de fluitketel sneller is). Ik begon gisteren met twee liter (vier bouilonblokjes dus) maar later, toen alle ingrediënten erbij zaten, bleek ik voldoende ruimte over te hebben voor nog een liter (met twee bouillonblokjes). Ik maak met opzet altijd heel veel van deze soep, omdat het er bij uitstek eentje is die een dag later nog veel beter smaakt.

Het kookt
Een paar handen rijst kunnen meteen mee de pan in. Ik doe meestal een hand per persoon, dat komt neer op drie in mijn geval. Te veel rijst maakt de soep zompig, doe niet zuinig aan maar zeker niet te royaal. Terwijl de rijst kookt (die moet het langst) snijd ik de aardappels in schijfjes van een halve centimeter dik. Die gaan daarna ook het kokende water in.  

Aardappeltjes en rijst meekoken
Als de aardappeltjes bijna zacht zijn kan het vuur wat lager en gaan de vleesjes, uitjes en knofjes erbij. De pasta doe ik zo rond deze tijd er ook bij, even ervan uitgaande dat deze een minuut of tien moet koken. Dat is ongeveer de tijd die je nu nog nodig hebt om de soep af te maken.

Het begint al op soep te lijken
Na een minuut of vijf kan het tomatenspul erbij. Blokjes en puree. In Duitsland heet dat laatste Tomatenmark en zit het in een rode tube. Wisten wij veel, wij dachten dat het ketchup was toen we het destijds kochten, maar ik kan je garanderen dat het verschrikkelijk smaakt als je het over je eten doet.
Door de soep is echter geen probleem, en nu begon de soep mooi rood te worden.



Nu begint het leukste deel, vind ik altijd: het proeven en op smaak brengen. Ik doe er sowieso altijd oregano in, dat smaakt goed bij deze soep. Ook heb ik nog een grote bus Provencaalse kruiden die ik er altijd doorheen doe, maar verse tijm/rozemarijn enz. is natuurlijk nog beter.
Wat ik er ook altijd door doe, is een beetje dipper. Dat maak je gewoonlijk aan met wat olie en dan is het heerlijk om een stukje brood in te dippen, maar het spul zelf is ook heerlijk in soepen en sauzen. Niet te scheutig, want het is vrij zout. 
Te koop bij Xenos
Vervolgens begin je met de finishing touch: paprikapoeder. Het liefst de pikante versie ervan. 

Scharf!
Weer proeven... er begint zich een aparte smaak te ontwikkelen en dat is precies de bedoeling. Maar er ontbreekt iets. Wat? Een scheutje olijfolie misschien (extra vergine)? Ja, dat helpt al, maar het is nog niet wat het wezen moet.
Nu is het moment aangebroken voor het geheime ingrediënt!


Een mespuntje. Het is zó scherp dat het veel te snel de smaak van de soep kan overheersen en dan is al die moeite voor niets geweest.
Even roeren, even proeven: nu komt er nóg een geheim ingrediënt: een heel klein beetje suiker. Waren de tomaten niet zoet genoeg? Daar heeft het niets mee te maken, om de een of andere reden moet er gewoon een heel klein beetje suiker in. Minder dan een half theelepeltje. Suiker neutraliseert zout/pittig, maar doet die smaken niet teniet, als het ware. Ze blijven aanwezig, maar bescheidener.

Nu is de soep af. Het vuur kan uit, de borden kunnen klaargezet, de gezinsleden kunnen geroepen worden. 

Ziet dat er even lekker uit!
Om het helemaal af te maken adviseer ik de soep te serveren met een beetje van dit eroverheen:

Parmezaanse kaas
Mmmmmmm!
Deze maaltijdsoep smaakt nog beter als je hem serveert met lekker brood, een ciabatta  bijvoorbeeld.
En het mooiste is: omdat je er zo veel van hebt gemaakt, eet je het de volgende dag lekker wéér!

Eet smakelijk!




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen